Wel of niet reanimeren?
Als je hart ineens ophoudt met kloppen, heb je een hartstilstand. Je hart pompt geen bloed meer door je lichaam. Daardoor krijgen je hersenen en andere organen geen zuurstof meer. Je raakt bewusteloos en je leven is in gevaar. Vaak wordt dan geprobeerd om je te reanimeren. Maar je kunt ook kiezen voor niet reanimeren, bijvoorbeeld omdat er een kans is dat je klachten krijgt na de reanimatie.
Over de keuze tussen wel en niet reanimeren gaat deze pagina.
Wat is reanimeren?
Reanimeren begint meestal met borstcompressies en beademing. Bij borstcompressies wordt op de borst gedrukt zodat bloed naar de hersenen en het lichaam stroomt. Beademing brengt zuurstof in het bloed, via mond-op-mond of een masker. Soms wordt een AED gebruikt om het hart weer op gang te brengen.
Lees meer over reanimeren.
Mogelijke gevolgen van reanimatie
Als je ouder wordt of ongeneeslijk ziek bent, wordt de kans dat je een hartstilstand overleeft kleiner. Veel mensen die een hartstilstand overleven, herstellen goed. Dat geldt ook voor oudere mensen. Maar bij het herstel na een reanimatie spelen leeftijd en gezondheid wel een rol. Bespreek met je huisarts wat de kansen en risico’s zijn in jouw situatie. Lees meer over klachten na reanimatie op Thuisarts.
Belangrijke vragen
Als je een hartstilstand krijgt, raak je bewusteloos. Je kunt dan niet meer zelf beslissen of je gereanimeerd wilt worden. Daarom is het belangrijk om hier van tevoren over na te denken. Deze keuze is vooral belangrijk als je ongeneeslijk ziek bent. Sta stil bij vragen als:
• Hoe groot is de kans dat ik na een reanimatie herstel?
• Wat betekent kwaliteit van leven voor mij?
Bespreek je wensen op tijd met je huisarts of andere zorgverleners in een ‘behandelwensengesprek’. Daarin praat je over wat voor jou belangrijk is en welke zorg daarbij past. Het is prettig om zo’n gesprek op tijd en op een rustig moment te voeren en niet pas tijdens een spoedsituatie.
Als je wordt opgenomen in een ziekenhuis of je verhuist naar een verpleeghuis, wordt vaak besproken of je wel of niet gereanimeerd wilt worden.
Ik wil niet gereanimeerd worden – en nu?
Vertel je partner, familie en vrienden dat je niet gereanimeerd wilt worden. Bespreek dit ook met je huisarts en andere artsen die je behandelen voor je ziekte.
Je kunt een niet-reanimerenverklaring maken. Hiermee geef je toestemming aan je (huis)arts om aan anderen te zeggen dat je niet gereanimeerd wil worden. Denk aan de mensen van de ambulance, de huisartsenpost of ziekenhuis of andere zorgverleners en burgerhulpverleners (vrijwilligers die getraind zijn om te reanimeren).
Je kunt je wens ook vastleggen in een ‘wilsverklaring’’. Dat is een document waarin staat welke behandelingen je wel en niet wilt. Kijk bij Wensen vastleggen.
Ik wil wél gereanimeerd worden
Als je wel gereanimeerd wilt worden, hoef je niets te doen. Bij een hartstilstand proberen omstanders of zorgverleners je te reanimeren.
Soms besluit een arts dat reanimeren niet zinvol is. Bijvoorbeeld als je heel ziek bent en de kans klein is dat je een reanimatie overleeft of goed herstelt.
Twijfel je? Bespreek je keuze dan met je huisarts of een andere zorgverlener.
Deze tekst is gemaakt door de redactie van Overpalliatievezorg met medewerking van:
- Dianne Boxman, verpleegkundig adviseur
- Astrid Kodde, huisarts en kaderarts palliatieve zorg
- Hetty Torsius, medewerker voorlichting Hartstichting
Samen met patiënten en naasten dragen deze deskundigen bij aan betrouwbare informatie op overpalliatievezorg.nl.
Meer informatie over deze website