Home Keuzes Palliatieve sedatie

Palliatieve sedatie

Als je nog maar één tot twee weken te leven hebt en erg veel pijn hebt of benauwd of onrustig bent, kan de arts palliatieve sedatie voorstellen. Als je wilt, krijg je dan medicijnen die je bewustzijn verlagen. 

Van die medicijnen, word je soezerig, slaperig of val je in een soort slaap en dat blijft meestal zo totdat je overlijdt. Palliatieve sedatie versnelt het sterven niet. Het is dus iets heel anders dan euthanasie. 

Palliatieve sedatie kan overal plaatsvinden, ook thuis. Je kunt dit bespreken met je (huis)arts. 

Wanneer mag palliatieve sedatie? 

De arts mag palliatieve sedatie alleen toepassen: 

  • als het niet lukt om de klachten op een andere manier te verminderen 
  • als behandeling van de klachten te erge bijwerkingen* zou geven 

* Of je bepaalde bijwerkingen kan en wil verdragen, bepaal je zelf. 

Palliatieve sedatie wordt meestal aangeraden bij: 

Hoe werkt palliatieve sedatie? 

Je krijgt via een naaldje onder de huid medicijnen (meestal midazolam) die zorgen dat je soezerig of slaperig wordt. Je hebt dan geen klachten meer. Nemen de klachten toe, dan krijg je meer van het medicijn of een ander medicijn (erbij), zodat je klachten weer verdwijnen. Je kunt dan in een (diepe) slaap raken. Je kunt wel bewegen, net als in een gewone slaap. Als je onrustig wordt, kun je extra medicijnen krijgen. 

Soms kan het lijken of je wakker wordt doordat je je lichaam of je gezicht beweegt, of een geluid maakt (zuchten, rochelen of mompelen). Dat is meestal maar even, en je merkt er zelf niets van. 

Tijdens palliatieve sedatie krijg je een blaaskatheter. Dat is een slangetje van je blaas naar een zakje. De plas komt dan automatisch in het zakje. Dat zorgt er vaak voor dat je rustiger wordt en minder klachten hebt.  

De verpleegkundige(n) en de arts zorgen ervoor dat alles goed met je gaat tijdens de palliatieve sedatie. De arts zorgt voor extra medicijnen als dat nodig is. De verpleegkundige verzorgt en wast je.  

Is pijnstilling hetzelfde als palliatieve sedatie? 

Veel mensen denken dat pijnstilling (bijvoorbeeld met morfine) hetzelfde is als palliatieve sedatie. Dat is niet zo. Mensen die palliatieve sedatie krijgen, krijgen vaak ook medicijnen tegen de pijn, maar de term palliatieve sedatie slaat alleen op de medicijnen die zorgen dat de patiënt soezerig wordt of in (diepe) slaap raakt.  

Palliatieve sedatie en (extra) vocht 

In de laatste fase van het leven eet en drink je vaak nog maar heel weinig. Soms zelfs helemaal niets meer. Je voelt geen honger of dorst. Het lichaam kan geen eten en drinken meer aan. Daarom krijg je tijdens palliatieve sedatie meestal geen vocht of voeding via een infuus. Dit zorgt er niet voor dat je eerder overlijdt. Wanneer je tijdens de palliatieve sedatie wel vocht en voeding krijgt, zorgt dit vaak juist voor meer klachten.  

Stel je vragen! 

Palliatieve sedatie, pijnstilling, euthanasie… Het zijn moeilijke onderwerpen en er zijn veel misverstanden over.  Het is daarom erg belangrijk om er over te praten: met je naasten, je arts, je verpleegkundige(n). Stel gerust je vragen. Het gaat om jouw gedachten en gevoelens, en om jouw keuze. Is iets je niet duidelijk? Vraag gerust verder. 

Vertel wat jouw wensen zijn 

Als je weet wat je wilt, zorg dan dat je naasten, je arts en je andere zorgverleners weten wat jouw wensen zijn. Dan kun je erop vertrouwen dat zij alles zullen doen om die goed uit te voeren. 

Het kan zijn dat je zelf niet meer kunt zeggen of je palliatieve sedatie wilt. Dan overlegt de arts met je naasten. Als je een wilsverklaring hebt gemaakt waarin staat dat je geen palliatieve sedatie wilt, dan zal je arts zich daaraan houden. 

Verschil palliatieve sedatie en euthanasie 

Bij euthanasie wordt het leven door een arts beëindigd. Dat is bij palliatieve sedatie niet zo. De medicijnen zorgen er alleen voor dat je rustig bent en geen klachten hebt. Palliatieve sedatie kan dus dagen tot weken duren. 

De verschillen tussen palliatieve sedatie en euthanasie op een rij 

In dit overzicht zie je duidelijk wat de verschillen zijn tussen euthanasie en palliatieve sedatie. 

Palliatieve sedatie Euthanasie
De patiënt wordt door medicijnen soezerig of in (diepe) slaap gebracht om te zorgen dat hij niet meer lijdt. Het leven van de patiënt wordt beëindigd, omdat hij uitzichtloos en ondraaglijk lijdt en zelf om euthanasie heeft gevraagd.
Er is geen andere manier om iets tegen de klachten te doen. Er is geen andere oplossing in de ogen van de patiënt.
Mag alleen gedaan worden als de patiënt minder dan twee weken te leven heeft. Kan ook aangevraagd worden door iemand die nog (lang) niet stervende is.
Wordt vaak door de arts geadviseerd. De beslissing wordt in overleg met de patiënt en zijn naasten genomen. Kan alleen op verzoek van de patiënt zelf. Niemand mag het aanraden.
Palliatieve sedatie is een normale medische handeling. Euthanasie valt onder buitengewoon medisch handelen. Er zijn wetten die bepalen wat wel en niet mag.
Een arts mag niet weigeren om palliatieve sedatie te geven als aan alle voorwaarden wordt voldaan. Een arts hoeft niet aan euthanasie mee te werken. De patiënt kan dan een andere arts vragen.
Er is geen tweede arts nodig om te controleren of palliatieve sedatie mag. Een tweede arts (een SCEN-arts) moet kijken of er aan de voorwaarden van de euthanasie is voldaan.
De patiënt krijgt medicijnen die het bewustzijn verlagen en hem soezerig maakt of een in (diepe) slaap brengt. De patiënt krijgt middelen waardoor hij heel snel sterft.
De patiënt leeft zijn leven uit (dagen of zelfs weken), maar zonder klachten. De patiënt sterft bijna direct. De arts blijft erbij tot de patiënt is overleden.
De patiënt sterft een natuurlijke dood. De arts hoeft het overlijden niet te melden aan de lijkschouwer. Euthanasie is een ‘onnatuurlijke dood’. De arts moet het overlijden melden aan de lijkschouwer.
Palliatieve sedatie wordt niet standaard gecontroleerd. Alleen als iemand vermoedt dat er iets niet goed is gedaan, wordt gekeken of de arts wel goed gehandeld heeft. Er wordt altijd gekeken of alles volgens de regels is gegaan. Als dat niet zo is, kan de arts vervolgd worden.

 

Meer vormen van palliatieve sedatie 

Er zijn nog twee vormen van palliatieve sedatie: 

  1. acute palliatieve sedatie 
  2. intermitterende palliatieve sedatie 

Deze kunnen worden gebruikt als iemand niet binnen twee weken gaat overlijden. 

Acute sedatie 

Een arts kan acute sedatie geven als je plotseling in een situatie komt, waarbij je waarschijnlijk binnen minuten of enkele uren zal overlijden en last krijgt van hele erge klachten, zoals pijn, benauwdheid of grote verwardheid en angst.  

Intermitterende sedatie 

Bij intermitterende sedatie wordt je tijdelijk soezerig gemaakt of in slaap gebracht, maar kom je daarna weer bij bewustzijn. Bijvoorbeeld als je door de erge klachten niet kunt slapen. 

Heb je gevonden wat je zocht?

Meer weten? Stel je vraag

Neem voor spoedeisende vragen en vragen over je persoonlijke, medische situatie altijd contact op met je eigen arts of verpleegkundige.
Stel jouw vraag